De visie over de rechtstaat volgens een aantal hooggeprezen rechtsdeskundigen. De vragen die voorliggen:
- Heeft de burger nog vertrouwen in de huidige rechtstaat?
- Is het nog gerechtvaardigt dat de burger zijn/haar vertrouwen stelt in de huidige rechtstaat?
- wat is er nodig om de huidige rechtstaat om te buigen naar een staat die recht doet aan de essentie van de mens?
Volgens onderstaand artikel is het vertrouwen in de rechtspraak hoog, zelfs stijgend en heeft het vertrouwen in de rechtspraak niks te maken met het functioneren van de rechtspraak zelf. 😮 🙄 Met alle respect voor de visie maar dit is echt te gek voor woorden en in mijn ogen een gestoorde in de zin van gebrekkige visie, tenzij ze gewoon hun kop in het zand steken, dat mag natuurlijk want tenslotte zijn wij mensen, begiftigd met de vrije wil en heeft elk individu daardoor recht op een eigen visie.
CONCLUSIE Dus concreet mag ik begrijpen uit hun visie, dat ook al functioneert de rechtspraak slecht maw is de functie gebrekkig, dan blijft het vertrouwen in de rechtspraak onaangetast en meer nog, zal die zelfs groter worden.8O Begrijpe wie kan, want ik begrijp het in elk geval niet. Misschien hebben zij in hun onderzoek de foute vragen gesteld waardoor hun analyse gebrek aan diepgang kent waardoor zij gelatenheid aanzien als vertrouwen, want als mensen horen dat wij met onze groep correcties aanbrengen zodat rechtvaardigheid gewaarborgd wordt, dan zijn de mensen ofwel zeer geinteresseerd maar in de meeste gevallen is het antwoord: “tja het is nu éénmaal zo, het systeem zit nu éénmaal krom in elkaar dus is het recht binnen het systeem krom (onrecht) maar ja, wat doe je eraan, zij hebben toch de macht en wapens in handen“. Tja hoe wil je op deze wijze de kromming corrigeren en rechtvaardigheid brengen?
In de 5 jaar dat ik nu 7 op 7 bezig ben met recht (zowel het negatief als positief recht) en ik al 3 jaar onze opleiding natural law leidt, zijn 3 zaken cruciaalmerk ik hoe weinig de mens stilstaat bij het eigen leven en daardoor te weinig verantwoordelijkheid neemt. Daarom nodig ik iedereen uit om mee te sparren en te analyseren, gezien het feit het recht toch de ruggengraat is van de samenleving en haar organisatie: de maatschappij.
Om het vertrouwen in de rechtstaat te beoordelen, wens ik jullie eerst wat vragen voor te leggen:
- is er bij jou vertrouwen of gelatenheid naar de rechtstaat toe
- begrijp jij dat je recht als individu een natuurlijk en logisch gegeven is en daarom onvervreemdbaar (eigen is aan jouw unieke signatuur)
- Begrijp jij dat jij als enige verantwoordelijk bent voor je eigen recht: zowel het bepalen, laten gelden en waarborgen
- begrijp jij dat elk individu geacht wordt het recht van het ander individu de erkennen, te respecteren en te waarborgen
- begrijp jij hoe jij jouw recht bepaald
- begrijp jij wat recht is want de rechtstaat is de toestand of staat van het recht
- begrijp jij de wet in haar essentie, ook wel de geest van de wet
- begrijp jij dat een regel uit 2 dimensies bestaat: geest van de regel en de letter van regel
- begrijp jij wat de functie is van een rechter
- begrijp jij wat de functie is van legale regelgeving, het verschil tussen wet en wetgeving
De 4 invalshoeken uit het artikel
Hier vind je het artikel: Daarin lezen we het volgende:
Rechtseconometrist Frank van Tulder en rechtssocioloog Albert Klijn concluderen op basis van de gegevens uit het Continu Onderzoek Burgerperspectieven van het Sociaal en Cultureel Planbureau, dat het vertrouwen in de rechtspraak structureel hoog is en over de jaren zelfs een licht stijgende lijn laat zien. De mate van vertrouwen wordt daarbij meer bepaald door de individuele persoonlijkheid en maatschappelijke positie van burgers dan door het functioneren van de rechtspraak zelf. Dit relativeert de vrees voor een afname van het vertrouwen in de rechtspraak. = de vraag die ik me hier stel: bedoelt men met vertrouwen het gebruik maken van de rechtbank? Tja het is logisch dat iemand met meer geld of iemand die veel te verliezen heeft meer moeite zal doen en zich daardoor uit NOOD ipv uit vertrouwen tot een rechtbank wendt. Vertrouwen in haar pure vorm is spontaan, een geschenk van vriendschap en gelijkgestemdheid vrij van onderhuidse nood of dwang.
Volgens de analyse van Van Tulder en Klijn, dient men de vermeende afname van het vertrouwen in de rechtspraak te nuanceren. Lucas Noyon (wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad, gastonderzoeker aan de Universiteit Leiden en rechter-plaatsvervanger bij de rechtbank Amsterdam) beweert dat het vertrouwen in de rechtspraak wel tegen een stootje kan. Hij wijst erop dat het vertrouwen in de rechtspraak relatief stabiel is en weinig wordt beïnvloed door individuele prestaties van de rechterlijke macht. Dit vertrouwen wordt volgens hem het best gewaarborgd door ‘rolvaste’ rechters, die niet meewaaien met elke maatschappelijke wind, maar daar soms juist tegenin durven te gaan. Hij waarschuwt daarom tegen een (verkrampte) zoektocht om vertrouwen te (her)winnen, die dat vertrouwen juist kan ondermijnen. = geloof jij dat vertrouwen tegen een stoot moet kunnen? Ikzelf ben daar vrij principieel in: vertrouwen kan maar als het zuiver is en onomstootbaar is, indien omstootbaar is er gebrek aan trouw en verdwijnt het vertrouwen. Gezien de rechtstaat als middel het enige middel is, kan je onmogelijk van vertrouwen spreken, omdat de keuzevrijheid wegvalt. Het positief recht werkt op basis van dwang = hoe koppel je dwang aan vertrouwen? Met vertrouwen bedoelt men de zogenaamde rechtszekerheid maar mensen ervaren het positief recht als krom dus hoe kan je dan van vertrouwen spreken?
David Schelfhout (bestuurskundige en onderzoeker-adviseur bij Andersson Elffers Felix) richt de aandacht op de verschillende innovaties die de afgelopen jaren in de rechtspraak hebben plaatsgevonden onder de noemer van maatschappelijk effectieve rechtspraak. Hoewel hij de bevinding onderschrijft dat het vertrouwen in de rechtspraak hoog is, wijst hij erop dat dit onder druk kan komen te staan als de rechtspraak te ver uit de pas gaat lopen met maatschappelijke ontwikkelingen. Dit heeft te maken met de toegang tot de rechter, de (door rechtszoekenden ervaren) rechtvaardigheid van procedures voor de rechter en de uitkomsten van die procedures. Aan de hand van een aantal MER-pilots laat Schelfhout zien hoe zulke innovatieve vormen van rechtspraak kunnen bijdragen aan een blijvend groot vertrouwen in de rechtspraak. Tegelijkertijd is hij minder optimistisch over het vermogen van de rechterlijke macht om dit soort innovaties in bredere zin door te voeren. = hier raakt hij een belangrijk punt aan: rechtspraak en de koppel naar maatschappij en waar is het individu waaruit het recht ontspruit? Zolang men de klemtoon legt op maatschappij: de organisatie ipv het individueel welbevinden zal de rechtstaat als onrecht ervaren blijven omdat het afbreuk doet aan het individu.
Paul Dekker (hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Tilburg) onderwerpt de analyse van Van Tulder en Klijn aan een beschouwing vanuit sociologisch en methodologisch perspectief. Hij plaatst vraagtekens bij de betekenis van dit type analyses op basis van enquêtevragen naar vertrouwen in instituties. Dit gaat verder dan statistische kanttekeningen. Dekker betoogt dat het begrip ‘vertrouwen’ voor mensen een andere betekenis heeft wanneer het gaat om vertrouwen in (abstracte) instituties dan bij vertrouwen in andere mensen. Waar vertrouwen in een ander betrekking heeft op het oordeel of die persoon competent is en er niet op uit je te bedriegen, is vertrouwen in een institutie veeleer een combinatie van algemene tevredenheid en een indruk over het functioneren van die institutie. Bovendien denken burgers bij ‘de rechtspraak’ vaak (vooral) aan het strafrecht, waarbij het oordeel wordt bepaald door de gehele strafrechtelijke keten, van opsporing tot tenuitvoerlegging van sancties. Dekker pleit dan ook voor verdiepend onderzoek dat beter laat zien wat burgers nu eigenlijk bedoelen wanneer ze het over vertrouwen in de rechtspraak hebben. == héhé ,toch nog wat gezond verstand die boven water komt. En daar werken wij graag aan mee.
Daarom nodig ik zoveel mogelijk mensen uit om hier hun licht over te laten schijnen, dan zal ik een verslag maken van jullie visie en deze presenteren aan zoveel mogelijk rechtskanalen en rechtsgeleerden.
De samenleving en de organisatie (maatschappij) ervan, is de verantwoordelijkheid van ons ALLEMAAL niet van een groepje “bevoorrechten”. De macht van het bestuur wordt gevormd door onze consent maar dat gegeven draagt ook het feit in zich dat we dan wel verantwoordelijkheid moeten nemen en actie ondernemen als iets zich voordoet. Als jij vind dat je geestelijke en fysieke integriteit geschonden wordt door de huidige visie van het bestuur dan is het NU de tijd om je stem te laten horen en duidelijk je recht te definieren.
isabelle lambrecht,
natural law teacher