Bij de Arnica-patiënt is de omgeving te sterk binnen gekomen, wat aan al zijn symptomen te zien is. Het zenuwstelsel staat op tilt. Je kunt dus zien dat de werkzame stof, de kiezel, bij de Arnica-patiënt het zenuwstelsel opener maakt waardoor ze overgevoelige beelden oplevert in de mens. Als je denkt aan een overgevoelig of overprikkeld zenuwstelsel komen natuurlijk onmiddellijk ook andere composieten als Chamomilla en Hypericum in beeld. Het kenmerkende van Arnica is dat hij zover op tilt slaat dat hij bewusteloos kan raken of – bij een trauma – zo ernstig hersenletsel krijgt dat zijn leven in gevaar is. Je zou kunnen zeggen dat de sycotische overreactie dan doorschiet naar een syfilitisch eindstadium. En dat kan bij Arnica heel snel gebeuren.
Een lage dosis geeft overprikkeling: rood hoofd en rode huid, heet zweten, geïrriteerdheid, zwakte, spiersamentrekkingen, misselijkheid, flauwvallen en hoofdpijn.
Een hoge dosis geeft kou, droge huid, bleek, glazig kijken en gebrek aan pupilreactie.
Deze beelden vinden we terug bij de aandoeningen waarvoor Arnica veel gebruikt wordt: hersenschuddingen, shock na ongeluk of slecht nieuws, ziektes met koorts, kneuzingen en blauwe plekken. Het groeibeeld van de plant laat zien dat Arnica gevoelig is voor kleine,
subtiele veranderingen (wind, kiezelgehalte, bodemgesteldheid enz.) en reageert van buiten naar binnen, net zoals de mens die nood heeft het middel arnica.
BEELD VAN DE BLOEM
Op het eerste zicht en vanop afstand is arnica een geurige, mooi bloeiende plant. Als je echter dichtbij gaat kijken, zie je dat de harmonie zoals bij de zonnebloem, goudsbloem en paardebloem ontbreekt. Een aantal blaadjes hangt wat naar beneden alsof ze geknakt en gerafeld zijn omdat een storm over hem geraasd heeft maar hij stand gehouden heeft. Net als de mens die aangedaan is maar toch nog beweerd
“met mij is niets aan de hand hoor”, terwijl het bleke gezicht boekdelen spreekt over klap die hij net gehad heeft
Bij de Arnica-patiënt is de omgeving te sterk binnen gekomen, wat aan al zijn symptomen te zien is. Kalk en mest maken arnica kapot maar kiezelgrond zorgt ervoor dat arnica stand kan houden. Maw als je zenuwstelsel op tilt staat dien je wat afstand te nemen, weer wat ruimte te maken zodat de verstikking van de buitenwereld wegvalt. Eventjes gaan herbronnen naar binnen. Kiezel laat juist ruimte om de wortels dieps naar beneden te laten gaan en water (emoties) af te voeren.
Als je denkt aan een overgevoelig of overprikkeld zenuwstelsel komen natuurlijk onmiddellijk ook andere composieten als Chamomilla en Hypericum in beeld. Het kenmerkende van Arnica is dat hij zover op tilt slaat dat hij bewusteloos kan raken of – bij een trauma – zo
ernstig hersenletsel krijgt dat zijn leven in gevaar is. Je zou kunnen zeggen dat de sycotische overreactie dan doorschiet naar een syfilitisch eindstadium. En dat kan bij Arnica heel snel gebeuren
Arnica heeft kiezel nodig om de stengel rechtop te houden. Bij kiezelgebrek worden stengels slap en gaan kruipen. Arnica houdt dankzij kiezel haar stengel rechtop. Ook de patiënt houdt zich stevig rechtop door te zeggen: “met mij is niets aan de hand hoor”.
Kiezel komt in de plantenwereld in de vorm van kiezelzuur voor. Dat is dus ook in Arnica overvloedig aanwezig en die vorm van kiezelzuur is voor ons zeer goed op te nemen. Heermoes is ook zeer rijk aan kiezelzuur (silicium) Heermoes (Equisetum arvense) is een plant uit de paardenstaartenfamilie (Equisetaceae). Dankzij die diepe wortels kan heermoes mineralen opnemen vanuit grondlagen waar andere planten niet bij kunnen en deze vervolgens naar de plant bovengronds transporteren. Daardoor bevat heermoes veel mineralen en kiezelzuur. Heermoes komt enkel voor op arme grond, en éénmaal ze de grond weer verrijkt heeft met miniralen, verdwijnt de heermoes weer van zelf
In ons lichaam bevordert kiezelzuur de opbouw en herstel van al het weefsel: botten, spieren, bindweefsel enzovoort. Zoals gezegd is er een bijzondere invloed op het zenuwstelsel: het maakt het zenuwstelsel opener. Maar daarnaast verbindt kiezelzuur zich in ons lichaam ook
met aluminium en op die manier bevordert het de gezonde werking van het zenuwstelsel. Dan neemt de overgevoeligheid juist af, en een goede waarneming (sensibele zenuwen) en aansturing van de spieren (motorische zenuwen) neemt toe, waardoor bijvoorbeeld kramp
vermindert. Het fenomeen kiezel in de Arnica laat dus zien waarom Arnica zo heilzaam werkt op ons bot- en spierstelsel, herstel van onderhuidse bloedingen en op de werking van ons zenuwstelsel bij trauma’s.
De aanleg: gevoelig, kwetsbaar, onoplettend, neiging tot ongelukken omdat je jezelf gemakkelijk forceert
De Arnica-persoon die op ons pad komt voordat (ernstige) klachten zich manifesteren, kan sterk, stoer en daadkrachtig overkomen. Bij nader inzien blijkt dat echter al weer een compensatie te zijn en zien we in allereerste instantie dat er een gevoeligheid en een kwetsbaarheid aanwezig is. De onlosmakelijke relatie tussen iemands aanleg en de dingen die hem overkomen, wordt hier direct duidelijk: een specifieke aanleg brengt specifieke gebeurtenissen op je pad. Keith Avedissian (zie verderop) kan het niet mooier zeggen als hij stelt: “Arnica-patiënten trekken trauma’s aan. Net zoals Aurum-patiënten banen met verantwoordelijkheid aantrekken en Natrium muriaticum-patiënten beroerde relaties beginnen met partners die hen kwetsen”. Naar die bijzondere relatie zijn we bij onze patiënten altijd op zoek. We proberen een antwoord te geven op de vraag waaróm iemand iets overkomt. Daarbij ga je op zoek naar de voedingsbodem waarop gebeurtenissen (van infecties tot depressies) kunnen floreren.
En bij Arnica zien we dus kwetsbaarheid onder de oppervlakte. Ook kan er een soort onoplettendheid en wazigheid zijn die zowel aan de basis kunnen staan van grote en kleine ongelukken als er ook door veroorzaakt kunnen worden. Het patroon binnen de pathologiecyclus versterkt zich op die manier.
WERKZAAM BINNEN OUDE & CHRONISCH TRAUMA
Het reactiepatroon dat we zien optreden bij een Arnicapatiënt na een trauma is – tot een paar woorden
teruggebracht: terugtrekken, ontkennen dat er iets aan de hand is, doorgaan en een geïrriteerde reactie
als men hem toch probeert te benaderen. We kunnen dat proces zich zien afspelen in de eerste minuten
na een ongeluk bij een patiënt die in een shocktoestand verkeert. Nu is het de grap van het leven dat
we over onze ervaringen kunnen nadenken, en er op zo’n manier van leren dat we negatieve ervaringen
niet steeds opnieuw hoeven mee te maken. Wanneer het trauma echter niet tot een verbetering van de
constitutie leidt, als de patiënt dus niet tot andere inzichten over zichzelf komt die leiden tot een andere
levensinstelling, en de patiënt dus niets is ‘opgeschoten’ met het hele gebeuren, kan de patiënt in een
‘Arnicatoestand’ blijven hangen. Het zich terugtrekken, het niet aangeraakt willen worden, het beweren
dat er niets met hem aan de hand is, worden dan tot karaktertrekken waar
de patiënt de rest van zijn leven last van blijft houden, inclusief het krijgen van kleine en grote
ongelukken, totdat hij…………. Arnica neemt
HET ARNICA “PROFIEL”
kan je ook omschrijven als een situatie waarbij in korte tijd te veel van iemand (zijn geest, zijn emoties en/of zijn lichaam) wordt gevraagd.
- alle gevolgen van ongevallen waarbij iemand (zowel lichamelijk als geestelijk) geschokt is.
- verwondingen waarbij de huid onbeschadigd is, maar waar door vallen, slagen, stoten of andere kneuzingen, inwendige bloedingen en blauwe plekken zijn ontstaan.
- tandheelkundige ingrepen.
- verrekkingen, verstuikingen, overspanning van spieren, fracturen, operaties.
- op emotioneel gebied bijvoorbeeld (dreigend) faillissement.
- spierpijn.
- hoofdletsel.
- bevallingen: Het verlicht de pijn van de weeën en helpt de bloedingen te stoppen
HET WAANBEELD Ik mag niet zwak en kwetsbaar zijn
Stel je voor je maakt een tocht door de bergen, door het domein van Arnica dus. Je loopt daar met een wandelmaat – of eigenlijk loop je de hele weg al 10 meter voor hem omdat je voortvarend bent, alleen wilt zijn en rust om je heen wilt hebben (je hebt dus al een beetje
een Arnica-aanleg…). Je klautert een steil stukje op en dan…een steen schiet los, je glijdt naar beneden. Een paar meter later kom je tegen een rotsblok tot stilstand. Je been doet pijn, je pols lijkt gebroken, je hebt hoofdpijn, je voelt je duizelig en misselijk. Maar…er is hier
geen enkele mogelijkheid om hulp te verwachten en je wilt je maat niet opzadelen met jouw problemen – of je wilt je niet laten kennen. Wat voor conversatie ontstaat er dan als je vriend je heeft ingehaald?
“Mijn hemel, gaat het?” “ Ja, oef, dat gaat wel…”.
“ Geef me je hand, dan kan ik je overeind trekken”. “ Nee laat maar, er is niks aan de hand”.
“Ja maar, kijk je arm eens, moet je dit zie…”. “ NEE, niet aankomen… het lukt wel”.
En terwijl je jezelf moeizaam overeind hijst, zegt je bezorgde vriend: “Gaat het echt wel?”
“JAHA! Hou je mond nou, het gaat wel, er is niets aan de hand, kom we gaan verder…”.
Bij de Arnica-persoon is er een idee dat je in een situatie bent waarin er geen hulp is of dat je deze afwijst omdat je vindt dat je jezelf moet kunnen redden. Je moet op je reserves, je tandvlees verder, hoewel je voelt dat je eigenlijk niet verder kan.
Shock
Arnica is het eerste middel voor een shocktoestand. Bij shock treedt er acuut een te geringe bloedtoevoer naar de
weefsels op, doordat het slagaderlijk systeem ondervuld raakt. Wat je kunt zien is: bleekheid, onrust, angst, geeuwen, sterk zweten, koude neuspunt, oren, onderkaak. Er is oligurie, tachycardie en een verlaagde bloeddruk. Door verminderde zuurstofvoorziening naar de hersenen kan bewusteloosheid optreden. Bij alle noodzakelijke eerste hulpmaatregelen om bijvoorbeeld het bloeden te stelpen, hoort ook zo snel mogelijk Arnica geven, op wat voor manier dan ook
DOSIS BEPALEN
dat doe je best via een mensen die zich erin geschoold hebben
Als leidraad Alles wordt bepaald door het werkzame bestanddeel en het beoogde effect. Het is nog niet gekend waarom bepaalde bestanddelen slechts werken wanneer ze zeer sterk verdund zijn, of juist heel veel effect kennen bij een zeer lage verdunning. Het werkzame bestanddeel blijft altijd primordiaal, maar bij de ene werkt een negende verdunning het best, bij de ander een vijftiende, enzovoorts…
Dikwijls is het zo…
- Verdunningen in 4CH of 5CH worden meestal gebruikt voor lokale symptomen of letsels (roodheid van de huid, maagzuur,…)
- Verdunningen in 7CH of 9CH worden eerder gebruikt bij algemene of functionele symptomen (spasmen, krampen, hoofdpijn,…)
- Verdunningen in 15CH of 30CH worden dan weer bij chronische ziekten en gedragsgerelateerde symptomen aangewezen (stress, allergie,…)
In de realiteit is het zo dat uw arts of uw apotheker de verdunning bepaalt aan de hand van de door u beschreven klachten. Daarom is het belangrijk om hun advies steeds op te volgen.
Lees hier verder dit zeer boeiend artikel over arnica van 30 blz
Geef een reactie